Jaarthema

Sommige academies kiezen voor een jaarthema. Dat inspireert om nieuwe zaken uit te proberen. De academie van Oostende (CAZ) koos dit jaar voor ‘Tijd voor maken’.

Dat is prachtig, niet alleen omdat de titel verwijst naar het boek dat ik samen met Bert Appermont schreef over creatie.

Het thema is ook krachtig omdat de academie, na de coronajaren, weer tijd wil maken voor de kern van goed kunstonderwijs: tijd nemen om te musiceren, te concerteren, te vertellen, toneel te spelen, te creëren, zichzelf artistiek en creatief te ontplooien.

We hebben collectief herontdekt hoe schoon en waardevol echt wekelijks contact met onze leerlingen is.

Niet de school met de laptop is het hoogste goed, maar de school waar leerkracht en leerlingen samen tijd maken voor verdieping en schoonheid.

Hoeveel stoelen heeft je klaslokaal?

3671276184_160813426f_o.jpg

Wetenschappers hebben onderzocht waarom Walt Disney zo’n succesvolle creatieveling was. Ze stelden vast dat drie stoelen in zijn werkkamer een cruciale rol speelden in het proces om nieuwe ideeën te ontwikkelen.

Disney ging op de droomstoel zitten om zijn geest vrij te laten ronddwalen en nieuwe ideeën te ontwikkelen. Daarna ging hij op een realiststoel zitten om te onderzoeken hoe hij die droom zou kunnen verwezenlijken. Tenslotte had Disney ook nog een kritische stoel. Dan riep hij de criticus op en keek scherp naar wat er allemaal mis zou kunnen gaan.

Op eenzelfde manier kan een leraar wisselen tussen de artistieke rollen. Het is bijvoorbeeld verfrissend om de stoel van vakman eens niet te gebruiken en op de stoel van performer te gaan zitten. Dat levert interessante en relevante vragen op. Hoe ervaar ik deze uitvoering als toeschouwer? Waarom raakt me dit niet of wel?

DKO3

De leerplannen van Kunstig Competent zijn vanaf nu ook te raadplegen in DKO3. Links op de startpagina van DKO3 kan je op de knop ‘leerplannen’ klikken en dan wijst het zichzelf uit. 

Voor beeld vind je er alle belangrijke documenten. 

Op de pagina voor podiumkunsten zie je het raster met de 20 artistieke competenties. Op elke competentie kan je klikken en krijg je info over: 

  • WAT: de doelen die deze competentie concreet maken
  • en HOE: een lijst met didactische wenken

Doe er je voordeel mee! 

Six-word story

ernest_hemingway-1024x820.jpg

Hoe vertel je een verhaal in zes woorden? Schrijver Ernest Hemingway deed het.

For sale: baby shoes, never worn.

Nog meer van dit? Het Passa Porta Festival daagde schrijvend Vlaanderen uit.  Hier vind je al die pareltjes… ook zes woorden.

Zes woorden die een hele wereld oproepen. Je verbeeldingskracht krijgt een boost. En dat geldt ook voor de zes woorden die de kern van Kunstig Competent vormen. Zo simpel, maar niet simpel:

kunstenaar, vakman, performer, samenspeler, onderzoeker… ik.

Of voor beeldende kunsten:

verbeelden, vakmanschap, tonen, dialoog, onderzoek… ik.

De 30 blogs van dit schooljaar helpen je hopelijk bij de verbeelding.

Tijd voor maken

Een nieuw schooljaar, nieuwe kansen. 

Het gloednieuwe boek ‘Tijd voor maken’ van Bert Appermont en Erik Schrooten daagt leraars en leerlingen instrument uit om zelf te componeren. 50 goed gekozen en uitgeteste oefeningen zorgen ervoor dat leerlingen eigen creaties aan hun speellijst kunnen toevoegen. 

Kopen? musicshopeurope.be of Crescendo Music

Meer weten? Surf naar tijdvoormaken.be

Begin bij het einde

afbeelding-4.png

Kan jij verwoorden welke kwaliteiten je bij een leerling wil zien op het einde van een graad of een leertraject? Geen makkelijke denkoefeningen. Dit vraagt verbeelding, het vermogen om je iets voor te stellen. En een woordenschat om die beelden te kunnen articuleren.

Toch is dit essentieel. Want je maakt dingen twee keer mee: een keer in je gedachten en een tweede keer in het echt.

Artistieke competenties componeer je van achter naar voren. Je zoekt naar competentiebeelden die de 20 artistieke competenties concreter maken. Zo weet je beter waar je in grote lijnen naartoe kan werken.

Voor sommige competenties en rollen is dat makkelijk. Voor het vakmanschap hebben vele leraren die beelden al klaar. Voor andere rollen is dat minder evident …

Onze inzichten voor de andere rollen worden elke dag groter. Daarom bieden we vanaf volgend schooljaar daar ook materialen en ondersteuning rond aan. Zo kan je op je academie die competentiebeelden verkennen en verder naar je hand zetten.

En met deze tekst Begin bij het einde maken we ook een einde aan het blogjaar en kijken we uit naar het begin van de vakantie. Merci dat je af en toe mijn gedachten wilde lezen.

Geniet van de vakantie.

Leerplannen goedgekeurd

Heel goed nieuws. De nieuwe leerplannen Kunstig Competent zijn vorige week door de inspectie goedgekeurd. Ze zijn nu te raadplegen op onze officiële website raamleerplandko.be. 

Aan de rollen (podiumkunsten)/ artistieke ontwikkelingsgebieden (BAK) en de artistieke competenties verandert er niets. Daar willen we graag een tijdloze lijst van maken. Enkel de leerdoelen pasten we aan. 

We zijn erin geslaagd om de uitgebreide beroepskwalificaties (de doelen voor de 4de graad) op een haalbare en eenvoudige manier in te werken in onze leerplannen. We spreken voortaan van stam en vertakkingen. Voor de 1ste, 2de en 3de graad gebruik je de stam. Dat zijn de doelen die we al kennen. Voor de 4de graad gebruik je de stam samen met een vertakking. De vertakkingen zijn beknopte lijsten voor de verschillende afstudeerrichtingen in het DKO (vertolkend muzikant, creërend danser, amateur regisseur, amateur beeldend kunstenaar, amateur cineast …).

Hier een voorbeeld:

Meer dan 100 leraren, coördinatoren en directeurs werkten mee aan deze update.

Dank voor zoveel vertrouwen en steun. Het maakt het vele werk dat we erin steken meer dan zinvol.

Daar doen we het toch voor?

fd-prinses-christina-cncours-winnaars-768x498 2.jpg

Een leraar vertelde dat hij de laatste jaren het geluk had om met enkele bijzonder getalenteerde leerlingen te mogen werken. En dan kom je ook in de aparte wereld van de muziekwedstrijden terecht: Cantabile, Christina …

Daar doen we het toch voor? Dat was de suggestieve vraag die iemand hem na zo’n wedstrijd stelde. De leraar was verontwaardigd. Natuurlijk is het prettig om zulke leerlingen te mogen coachen. Maar voor hem was het werk met alle andere leerlingen even inspirerend en belangrijk.

Prachtige attitude.

Voor iedereen. Dààr doen we het voor.

Ontwikkelingsgericht kunstonderwijs

6169353332_cb018942d3_o.jpg

Een leraar DKO start steeds weer vanuit datgene wat iemand wil, kent en kan. Daarna wordt elke leerling geholpen om de eigen grenzen te verleggen en boven het huidige ontwikkelingsniveau uit te stijgen. Opdrachten zijn telkens net iets moeilijker. Noch te makkelijke oefeningen, noch te hoog gegrepen opdrachten hebben een leereffect. Dit proces begeleiden is de taak van de leraar.

Omdat mensen van elkaar verschillen (o.a. qua motivatie, leertempo en interesses) loopt een artistieke ontwikkeling via een individueel pad. Maatwerk zet de toon in artistiek onderwijs. Die ontwikkeling volgt daarbij een grillig en persoonlijk parcours. Het is daarom weinig zinvol om vooraf een scherp omschreven leerpad uit te tekenen.

Dit noemen we ontwikkelingsgericht werken. En deze aanpak past bij kunstonderwijs.

Ontwikkelingsgericht staat tegenover criteriumgericht werken. Bij dit laatste wordt vooraf een bepaald eindniveau bepaald. Wie het haalt, mag verder. Wie faalt, haakt af of stroomt door naar contexten die minder hoge eisen stellen.

(passage uit het raamleerplan Kunstig Competent)

Het publiek maakt het werk af

48331426171_f4328d8c70_o.jpg

De kunstenaar maakt het werk, het publiek maakt het werk af.

Deze uitspraak van de Raad voor Cultuur in Nederland is meer dan een spitsvondige woordspeling. De gedachte dat een kunstenaar ook nadenkt over zijn relatie met het publiek, wordt hier sterk naar voor geschoven.

Sommigen kunstenaars zullen het nu voelen kriebelen. Want zij kijken hier anders naar: een kunstenaar hoeft helemaal geen rekening te houden met zijn/ haar publiek. Hij/ zij drukt zich uit en wat een publiek daarvan vindt is hun zaak. Punt uit.

En toch zijn we ervan overtuigd dat het zinvol is om op de academie na te denken over het effect van je werk op een publiek.

Onderzoek in Engeland geeft aan dat professionals vooral focussen op de ambachtelijke en artistieke kwaliteiten als ze naar een werk kijken of luisteren. Toeschouwers zijn vooral op zoek naar de kwaliteit van de persoonlijke ervaring: wat doet een kunstwerk met mij en wat kan het voor mij betekenen?

We vinden dat je daarom leerlingen met volgende vragen mag confronteren: Welke ervaring wil je oproepen? Hoe wil je raken? En wat kan je werk voor een toeschouwer betekenen?