Artful social practice

Onderzoekster Susan Orr beschrijft evaluatie in het kunstonderwijs als een ‘artful social practice’, waarbij de dialoog tussen leerkracht en leerling centraal staat. Een inspirerend voorbeeld hiervan zijn de informele gesprekken na een toonmoment, waarin leerlingen, leerkrachten en ouders hun ervaringen delen.

Leerlingen vertellen hoe ze het concert hebben beleefd, terwijl leerkrachten benadrukken wat sterk was en waar groeikansen liggen. Ook de frisse blik van een collega-leerkracht kan waardevolle en nieuwe inzichten opleveren.

Dit soort open uitwisselingen maken het kunstonderwijs zo persoonlijk en uniek.

Kunstig Competent en het dko kompas

De leerplannen van Kunstig Competent, samen met bijlagen zoals de competentiebeelden, vind je op kunstig-competent.be.

Ook de collega’s van OVSG hebben onze leerplannen opgenomen in hun DKO-kompas.

Surf naar dkokompas.ovsg.be en selecteer het domein. Met een paar klikken en wat scrollen krijg je niet alleen toegang tot de doelen, maar kun je ook bronnen en de visie raadplegen, de competentiebeelden bekijken en je laten inspireren door praktijkvoorbeelden. Hoewel die praktijkvoorbeelden gekoppeld zijn aan de doelen van OVSG, vormt dat geen probleem, aangezien beide leerplannen uit dezelfde basis zijn opgebouwd.

Een aanrader.

Publiek verrassen

Rethinking Live Classical Music — Johan Idema

We geloven dat interpretatie en creatie twee interessante pistes zijn die beide hun plaats verdienen in de muziekscene. Het blijft prachtig dat een cellist een publiek in vervoering brengt met een authentieke uitvoering van de suites van Bach. Daarnaast is er een steeds grotere groep luisteraars en concertbezoekers die op een andere manier verrast wil worden: met nieuwe eigenzinnige interpretaties, unieke samenwerkingen en kunstenaars die eigen werk brengen.

Paul Craenen stelt vast dat meer en meer muzikanten zwervende nomaden geworden zijn. Deze muzikant-nomaden verlaten het geijkte pad, experimenteren met muzikale cross-overs en integreren andere artistieke disciplines zoals dans, poëzie of storytelling. In Present! Rethinking live classical music laat Johan Idema aan de hand van 45 casussen frisse formats voor klassieke muziek in de 21ste eeuw zien. Kernwoorden daarbij zijn onder andere beleving, een inspirerende locatie, de relevantie en urgentie van het programma en  de artistieke kwaliteiten van de performers. Als klassieke muziek zich wil verbinden met een nieuw publiek, dan krijgen, zo stelt Idema, deze bouwstenen best aandacht.

Drive opzoeken

Songwriter Tom Van Laere vindt dat kunstenaars op de eerste plaats een niet te temmen drive moeten hebben:

“In discipline geloof ik niet, dat is doen wat je niet per se wil doen. Heb je een drive, dan wil je het echt.”

Het is een interessant perspectief dat volgende onderzoeksvraag oproept: hoe kunnen we die drive bij leerlingen bespreekbaar maken, opzoeken en aanwakkeren?

Verwondering

De voormalige VUB-rector, Caroline Pauwels, schreef een prachtig boekje over verwondering: Ode aan de verwondering.

Kinderen zijn vaak verwonderd. Waarom is de zee blauw? Waarom wordt het donker? Waarom is die meneer kaal? Ergens op weg naar de volwassenheid verliezen de meesten van ons die onbevangenheid. Gaandeweg wordt het vuur van de nieuwsgierigheid gedoofd: de dingen zijn nu eenmaal wat ze zijn, er is niets nieuws onder de zon.

En dat is jammer. Verwondering geeft het leven kleur, helpt om onze grenzen te verleggen en spoort ons aan om valse zekerheden in vraag te stellen. In Ode aan de verwondering houdt Caroline Pauwels een bezield pleidooi om opnieuw met die kinderlijke blik naar de wereld te kijken. In wetenschap en kunst, maar ook in de grote en kleine momenten van elke dag.

Als je het boekje nog niet gelezen hebt, dan is dit een warme aanrader voor de komende vakantie.

TaDa

ToDo kennen we allemaal. Lijstjes met dingen die nog moeten gebeuren. Ik verbaas me erover dat sommige van mijn leerlingen te goed zijn in ToDo: na een concert drukken ze uit dat het niet goed was en dat het de volgende keer beter moet. Dat is natuurlijk sterk. Maar soms slaat dat ook over. Dan zien leerlingen niet meer dat ze stappen gezet hebben en dat ze fier mogen zijn op het geleverde werk. Ze blijven vooral treuren over wat er nog niet was.

Met de variant TaDa kijk je terug en schrijf je in een lijst wat je al verwezenlijkt hebt. Tadaaaaaaa, ik heb wel degelijk iets bereikt.

En zo houden we hopelijk met ToDo en TaDa onze werkpunten en onze verwezenlijkingen in balans.

Creatieve spier

Marco de Bruyn heeft één gouden tip voor componisten in spe: doen!

Begin eraan: schrijf noten, schrijf akkoorden, schrijf teksten en zorg dat je in beweging blijft. Laat die creatieve spieren werken en laat je niet tegenhouden door theorie.

Wanneer mensen bij mij studeren neem ik ze mee op twee parallelle paden: die van het ambacht en die van de intuïtie. Dat rammelen aan de intuïtie is het leukst en het spannendst. En het levert het meeste op.
Want dan ontdekken we andere gedachten en nieuwe componeermethodes en komt er opeens heel andere muziek uit de pen.

Hoppipolla

Hippipolla is het IJslandse woord voor in een plas springen. Prachtig dat ze daar een woord voor hebben. Je denkt ook direct dat ze in IJsland veel regen hebben en het ook leuk vinden om in die plassen te springen. Opeens worden IJslanders mensen die ‘al plassend’ van het leven genieten.

Taal aan iets geven, zo blijkt uit het vorige voorbeeld, is best wel belangrijk. En dat geldt ook voor onderwijs. Want waar je taal aan geeft, daar besteed je aandacht aan … en krijgt kans om te groeien.

Daarom is de artistieke woordenschat die we voor Kunstig Competent de afgelopen jaren ontwikkelden, belangrijk.

Ter discussie stellen

Rutger Kopland, dichter en psychiater, in De Groene Amsterdammer:

Ik denk dat talent – ook het mijne – iets te maken heeft met het kunnen en durven denken langs onverwachte wegen. Een soort intuïtie, met daarbij de discipline die nodig is om die intuïtie vorm te geven, en de bereidheid alles voortdurend ter discussie te stellen. Op een gegeven moment neem je een beslissing en dan kun je op je bek vallen. Als ik eindelijk een gedicht op papier heb staan en ik laat het mijn vrouw lezen, en zij zegt: ‘nou nee’, dan val ik op mijn bek. Dat is niet leuk, maar wel nodig. Stel je voor dat je die feedback niet zou krijgen, dan zou het toch een mallemolen worden!

Traditie en toekomst

Op de gevel van het Philipsmuseum in Eindhoven staat de mooie gedachte Celebrating the past, embracing the future.

Ook in de context van ons kunstonderwijs is dit een interessant uitgangspunt. De traditie is op de academie een belangrijke bron van inspiratie. We onderzoeken wat die oude meesters voor ons kunnen betekenen en kijken daarnaast nieuwsgierig naar kunstenaars van nu en wat ze te vertellen hebben.