Meerduidigheid en empathie

a1ib000000LrsjPAAR.jpg

Uit een interview met Ramsey Nasr:

Ik ben er meer dan ooit van overtuigd dat onderwijs niet alleen theoretische kennis en praktische vaardigheden moet aanbieden, maar ook moet trachten een kind zaken als meerduidigheid, nuance, empathie en verbeelding bij te brengen. Niet omdat dat zo nobel of chic of menslievend is, maar omdat onze maatschappij anders morgen niet meer bestaat.

Wie op jonge leeftijd in aanraking komt met kunst, kan ervaren dat er een breder palet is dan de drie basiskleuren van zijn bestaan en dat de wereld niet stopt aan de voordeur. In een globaliserende wereld die steeds complexer wordt, zijn zulke ervaringen noodzakelijk.

Bovendien zijn ze makkelijk realiseerbaar. Ikzelf stond verbaasd van wat goed kunstonderwijs vermag, toen een bevriende hoorniste me onlangs vertelde over haar ervaringen als kunstdocente. Ze geeft op projectbasis muziekonderwijs aan jonge leerlingen, van peuters tot pubers. De kinderen leren tijdens haar lessen het muziekinstrumentarium van een orkest kennen, ze ontmoeten de musici, bezoeken repetities en krijgen soms compositieopdrachten rond het muziekstuk.

Wat blijkt?

Jonge kinderen hebben geen enkele moeite met hedendaagse klassieke muziek die volwassenen vaak geïrriteerd als ‘piep-knor’ terzijde schuiven. Piep-knor gaat erin als koek. Kinderen hebben juist meer moeite met Bach, Mozart en al die andere componisten die wijzelf tot het eerbiedwaardige pantheon van de klassieke muziek rekenen. Kinderen zijn avontuurlijk en staan open voor een uiterst moderne en complexe wereld.

Leerlingen kiezen doelen

IMG_20190319_125055.jpeg

De academie van Wuustwezel gaat op een innovatieve manier om met het raamleerplan. De academie herformuleerde een deel van de leerdoelen zodat ze  beter begrijpbaar zijn voor kinderen.

Deze aangepaste doelen hangen nu op in de klas. Elke les mogen leerlingen een leerdoel kiezen waarrond ze die week willen werken. Dat kaartje krijgen ze mee.

Zowel leraren muziek als leraren woord gaan ermee aan de slag. Bijzonder inspirerend.

Voor alle emoties

4932_ba.jpg

Het moge een opluchting zijn, schrijft Chantal Pattyn, dat we in deze tijden van ratio en cijfers alsnog emotionele wezens blijven die lachen en huilen. Niets menselijks is ons vreemd. De mooiste en meest aangrijpende bladzijde uit de klassieke muziek zijn geschreven als een muzikaal antwoord op diep menselijke vragen. Dat is nu eenmaal wat grote kunstenaars kunnen: ze laten je dingen zien die je niet kende. Zelfs niet bij jezelf.

Het boek (met cd’s) Iedereen Klassiek van Klara laat ons via de grote emoties kennismaken met onsterfelijke muziek.

Deze emoties zijn verdriet, troost, angst, macht, melancholie, verlangen, extase, pathos, evenwicht, rust, poëzie, gratie, energie, feest, ironie en humor. Een prachtig palet.

Wat zou het toch mooi zijn als leerlingen gedurende hun doortocht op de academie deze emoties zouden kunnen verkennen. Niet de techniek of de kunstgeschiedenis als ordenend element van een opleiding. Maar de (eigen unieke) emoties.

Gezonde ambitie

spelden.jpg

Professor Maarten Vansteenkiste van UGent verwoordt in deStandaard mooi hoe conservatieve en progressieve scholen en leraren naar elkaar kijken:

Scholen die investeren in de betrokkenheid en de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen, doen dat ten koste van de prestaties. De te ‘pamperende’ aanpak leidt dan wel tot enthousiaste en leergierige kinderen, de collateral damage is een gebrek aan cruciale ambitie. Omgekeerd zouden scholen die het verwerven van basiskennis en de cognitieve ontwikkeling van kinderen centraal stellen, dat doen ten koste van het welbevinden. Als prestaties zaligmakend worden, creëert dat druk, die verlammend werkt.

Vansteenkiste ergert zich terecht aan dit of-ofverhaal:

Politici en beleidsmakers die zeggen dat een focus op welbevinden de cognitieve ontwikkeling in de weg staat, polariseren het debat. Omgekeerd is de bewering dat een focus op prestaties per definitie het welbevinden onderuit haalt, niet gerechtvaardigd.

Vansteenkiste pleit daarom voor een gezond evenwicht tussen deze twee polen:

Gezonde ambitie vormt de motor van én het welbevinden én het maken van substantiële progressie. Motiverende leerkrachten weten die gezonde ambitie aan te wakkeren. Ze bieden maatwerk: ze sluiten aan bij de ontwikkelingsmogelijkheden van sterke én minder begaafde leerlingen. Ze vertragen of versnellen het leerpoces waar nodig met gepaste hulp, gerichte feedback en prikkelende uitdagingen. Zo versterken ze de competentieontwikkeling van kinderen.

Wat een prachtige pakket waarmee we ons kunstonderwijs kunnen kruiden: prikkelende uitdagingen, gezonde ambitie, maatwerk en toekomstgerichte feedback.

Publiek willen raken

112297-009bd324-53a0-4b02-94c3-4bd392420e79-manu_2520chao_2520publiek_2520-_2520foto_2520bas_2520czerwinski-original-1383138921.jpg

Hoop je dat het publiek fluitend de zaal verlaat? Of dat het tranen met tuiten huilt? Wil je toeschouwers doen wegdromen naar een andere wereld? Of wil je provoceren en een geweten schoppen?

Wat wil je met je optreden bereiken? En hoe wil je dat toeschouwers op je voorstelling reageren?

Allemaal vragen die ergens tijdens een artistiek ontwikkelingsproces relevant zijn. En die leerlingen laten nadenken over de competentie een publiek willen raken. 

Feedbackkaarten

IMG_3722.jpeg

Ik heb hier geen woorden voor. Deze poëtische feedback gaf een tienjarige leerling deze week na een presentatie van een andere leerling gitaar. Dat raakte iedereen die in de klas zat. Omdat het prachtig geformuleerd was en ook helemaal klopte: de uitvoering was fijnbesnaard en meeslepend.

Anderzijds is de letterlijke variant ik heb hier geen woorden voor ook een interessante kwestie. Leerlingen hebben soms een beperkt vocabularium om feedback te geven. En dan maken ze er zich gemakkelijk vanaf met clichés: goed gespeeld of ik vind het al heel goed. En daar zijn we hopelijk niet tevreden mee.

Deze week experimenteerde ik met feedbackkaarten. Op zo’n kaart staat een vraag die de aandacht van de leerling richt. Iedere leerling kiest op voorhand telkens één kaart. Zo kan de feedbackgever zich concentreren op één aspect. Dat geeft houvast en maakt het makkelijker.

Conclusies? Dit simpele concept leverde sterkere feedback op: soms grappig, soms ontwapenend eerlijk. En dat zorgde voor veel gelach, nieuwe inzichten en ook wel een kleine traan.

Tempo drop

Enkele jaren geleden hoorde ik een onthutsend verhaal over een leraar groepsmusiceren. Bij de start van het schooljaar deelde hij het examenstuk uit. Vanaf les twee speelde de groep in een zeer traag tempo dat werk door. De volgende maanden werd de metronoom elke les één streepje sneller gezet. Om tegen het examen te eindigen in het juiste tempo. 

Gelukkig bestaan dit soort praktijken niet meer. Wat me in dit verhaal intrigeert, is het concept tempo drop. Leerlingen spelen gedurende een lange tijd in zo’n traag tempo dat ze niet aanvoelen hoe de grote melodische en harmonische lijnen evolueren. En wat het karakter van het werk is. 

De alternatieven zijn niet zo moeilijk.

Laat leerlingen ook minder complexe werken spelen. Technische moeilijkheden liggen dan minder in de weg om tot de kern van musiceren te komen. En er wordt een uitgebreid repertoire opgebouwd. 

Een andere werkwijze is misschien nog interessanter. Been een werk uit: laat doorgangsnoten, versieringen, tussenakkoorden weg zodat enkel de kern overblijft. Leerlingen voelen dan sneller het metrum, het tempo en de feeling van een werk aan. Daarna kan er bijgebouwd worden.