Vechten tegen de storm

IMG_0734.jpg

Ooit gelezen op een affiche boven de schouwburg van Kortrijk. Ja, we kunnen met kunst het verschil maken!

Er is nog hoop, geacht publiek, wij kunnen het nog halen. Op het toneel kunnen we nog onoverwinnelijk zijn, bovenmenselijk. Op het toneel wordt het onzichtbare telkens opnieuw zichtbaar! Hier vechten we tegen de storm. We zorgen ervoor dat het doek blijft opengaan. Samen met u zorgen we voor nieuwe zonsondergangen. 

Kom af en toe langs. Wij bieden u graag onderdak. 

Wim Opbrouck

En dat geldt ook voor ons prachtig kunstonderwijs. Kom af en toe langs, beste leerlingen. We bieden je onderdak voor je allerpersoonlijkste kunstbeleving. En kom zeker terug, volgend schooljaar. Wij hebben jou nodig en jij ons.

Dit is de laatste blog van dit schooljaar: geniet binnenkort van een vakantie met prachtige artistieke zonsondergangen.

Nog

Nog niet.jpeg

Nog is een interessant woord. Een onopvallend woord, en toch een wereld van verschil.

Je kunt het nog niet.

Wat laat je met deze uitspraak uitschijnen? Dan je erin gelooft dat je leerling er zal geraken. En dat je zijn/haar hersenen ziet als een spier: door oefenen kan je je ontwikkelen. Na een inspanning kan je nog niet schrappen.

Via taal maak je impliciet je overtuigingen hoorbaar. Nu nog in de praktijk brengen.

Schuren

schuurpapier2018030615360420180713092122.jpg

Psycholoog Wim Van den Broek heeft een uitgesproken en onderbouwde mening over onderwijs. Je mag kinderen best wel uitdagen. Iets leren, dat is ook altijd een beetje schuren. Er mag best wel gezucht worden (moet ik dit nog een keer spelen) van het herhalen. Als leerlingen zeggen dat het een pittige les was, ben ik een tevreden leraar.

Aan de polarisering vroeger was het beter versus nieuw is beter, doen we niet mee. Traditie/werkethiek en een liefdevolle aanpak zijn voor ons geen tegenstellingen. Een sterke kunstleraar eist vastberadenheid maar doet dat ook liefdevol. Hard in de zaak, zacht in de omgang.

Het raamleerplan Kunstig Competent maakt in haar doelen daarom een genuanceerde mix van werk- en spelplezier. Doorzetten als het moeilijk is en spelplezier tonen staan naast elkaar in de lijsten.

Triangel

76_afbeelding_13131452540121.jpg

Nooit gedacht dat een triangel zo’n belangrijk instrument in kunstonderwijs zou worden. En nu heb ik het niet over het muziekinstrument triangel maar over triangulatie.

Triangulatie is een kwaliteitskenmerk van evalueren. Het betekent dat je de prestaties van een leerling vanuit drie of meer perspectieven bekijkt: verschillende toonmomenten, verschillende (soorten) juryleden, observaties tijdens het jaar …

Als je dan drie maal hetzelfde hoort of ziet, dan kan je met meer zekerheid zeggen dat een leerling een competentie wel/ niet verworven heeft. En zo wordt een evaluatie in het kunstonderwijs meer betrouwbaar.

Dat kan niet gezegd worden van vroegere praktijken waarbij één examenmoment allesbepalend was. Deze evaluatie zou ook totaal fout lopen in deze coronatijden.

Maar hoort dat niet bij de podiumkunsten? Telt daar uiteindelijke niet alleen dat ene moment? Ja, dat klopt wel ergens. Maar we denken dat deze praktijk eerder thuishoort in het hoger kunstonderwijs. Daar mag dat ene moment wel doorslaggevend zijn.

Maar op de academie? Nee, laten we daar vooral de triangel bespelen.

Inspirerend canon

made-in-europe-bewerkte-omslag.jpg

In Made in Europe verdiept Pieter Steinz zich in het culturele DNA van ons continent. De belangrijkste halteplaatsen van de Europese cultuur worden in 100 fris geschreven essays bezocht: de Griekse tragedie, de Vlaamse primitieven, de Matheupassie van Bach, Don Quichote, Guernica, het twaalftoonsysteem, het zwarte vierkant van Malevitsj …

Het boek roept interessante vragen op. Kennen mijn leerlingen (enkele van) deze hoogtepunten? Hoe kan ik hen daarmee laten kennismaken? Is het niet belangrijk om ook de meesterwerken van de andere kunstdomeinen te leren kennen? In hoeverre ben ik zelf al doordrongen van deze meesterwerken? En wat zou ik zelf nog toevoegen aan dit cultureel canon?

Ik heb in elk geval enkele meesterwerken in het boek met stip aangeduid. Met de ambitie om die in deze coronatijden digitaal te (her)ontdekken.

 

Tips

26737235967_5cdf9b5a5c_o.jpg

Tips geven, het is een cruciale moment in iedere les. Je weegt af wat je een leerling wil meegeven om een week verder te kunnen.

Als ik vertel dat we te veel tips geven, knikken vele leraren. We pleiten collectief schuldig. Onderzoek is daar ook duidelijk over: één, twee, maximaal drie tips werken. Al de rest heeft weinig effect. En het brengt leerlingen ook nog eens in verwarring. Want met welke suggestie moeten ze nu aan de slag gaan? Toch niet met alle tien?

Daarom volgende ene tip: geef deze week aan je leerling slechts één goedgekozen tip. Keep it simple is sowieso een gouden raad in deze tijd van op-een-afstand-lessen. Benieuwd welk effect dit heeft.

Stretch

c42e6f5ebc6fb085_stretching3.preview.jpg

Hoe ambitieus zijn de doelen die je je leerlingen oplegt? En hoe ambitieus ben je voor je leerlingen in deze coronatijden?

Volgende tool met zeven niveaus kan helpen om de juiste balans te vinden. Wanneer krijg ik leerlingen in een ideale stretch?

  • -3   verveling: want doelen zijn veel te makkelijk. Er is geen enkele uitdaging.
  • -2   relax: met een absoluut minimum aan inspanning zijn de doelen te halen.
  • -1   rustig aan: want er is nog tijd genoeg om de doelen te halen.
  • 0    comfortzone: doelen zijn precies moeilijk genoeg om ze comfortabel te halen.
  • + 1  stretch: de lat ligt hoog en er moet stevig gewerkt worden om de doelen te halen. Maar het is wel een haalbare kaart.
  • +2  stress: doelen zijn net niet haalbaar.
  • +3  paniek: doelen liggen zo hoog dat het onmogelijk is om ze te halen. En dat leidt tot ofwel apathie ofwel ongezonde nervositeit.

Misschien is het zinvol om in deze ongewone tijden even op -1 of 0 te gaan staan. Misschien hebben onze leerlingen nu het meest nood aan muziek-, woord-, dans- en beeldmateriaal dat hen spelplezier geeft, innerlijke verdieping… of troost. Misschien ligt hierin op dit moment onze eerste taak als kunstonderwijs.

Hoe gaat het?

live-online-lessen-thuis.jpg

Vandaag start ik met online gitaarlessen op de lesuren waarop mijn leerlingen normaal les hebben. Op de uitnodiging die ik vijf weken geleden verstuurde om filmpjes te posten, een online les te vragen, partituren en feedback te vragen, reageerden sommige leerlingen enthousiast. Maar van anderen hoorde ik weinig, van enkelen zelfs niets. Daarom ontstond de noodzaak om een belangrijk ritueel terug op te pakken: een wekelijks vast lesmoment. Met elke leerling ga ik 20 minuten via één platform aan de slag. Een keuze voor eenvoud en regelmaat.

Mijn startvragen heb ik al klaar: En hoe gaat het? Wat heb je de afgelopen tijd gedaan? Want onze leerlingen hebben toch wel wat meegemaakt. Ik ben benieuwd naar hun verhalen en bezorgdheden.

En dan gaan we voorzichtig aan de slag met nieuw materiaal (zoals onze minister vraagt). Voorzichtig, want ook dat hebben we collectief de afgelopen weken geleerd: doordrammen of met een te grote ambitie erin vliegen werkt nu niet. Slimme keuzes maken is het devies.

Horen en zien we elkaar goed? Hoe gaat het? En wat gaan we nu oppakken? Meer moet dat deze week niet zijn.

Focus en versnipperen

focus.jpg

Werken met focus is met recht en reden in het leerplan kunstig competent een leerdoel voor het vakmanschap. Meer zelfs: dit is één van de grootste uitdagingen waar onze leerlingen voor staan. We zijn zo snel afgeleid en worden weggezogen van aandacht op één ding. En laat dat net een kwaliteit zijn die de ware vakman van de prutser onderscheidt: zijn vermogen om geconcentreerd te blijven op het werk.

Versnipperen.jpg

Anderzijds is die versnippering ook interessant als we de kunstenaar willen aanspreken. Dwalen, verbindingen maken, vele indrukken opdoen, van de hak op de tak springen. Het zijn manieren om de creativiteit aan te wakkeren en nieuwe ideeën te genereren.

De twee tegenpolen, focus en versnippering, geven nog maar eens aan dat het interessant is om de eigenheid van de verschillende rollen te onderzoeken. En zo ontstond de laatste jaren ook het inzicht dat elke artistieke rol zijn eigen didactiek heeft. Misschien is dit wel één van de meest belangrijke gedachten die het project kunstig competent opleverde.

Nieuwe beelden

 

logo_KC_quadri jpeg.jpg

Kunstig competent heeft een nieuw logo en nieuwe symbolen gekregen. En daar zijn we fier op. De noodzaak ontstond tijdens de bijsturing van het leerplan voor Beeldende en Audiovisuele Kunsten. Vormgeefster Anne Verlent van de academie van Berchem ontwikkelde met veel empathie de nieuwe symbolen.

Voor het domein beeld zochten we naar een alternatief voor de rollen, in een taal die dichter bij beeldende kunstenaars ligt. Deze variant bestaat uit vijf artistieke ontwikkelingsgebieden. Deze zijn verbeelden, onderzoek, vakmanschap, dialoog en tonen. Vooral de keuze voor verbeelden voor de kunstenaar valt op. De term kunstenaar ervaren leraren beeld eerder als een overkoepelende begrip voor alle rollen/ artistieke ontwikkelingsgebieden.

De relatie tussen de twee sets wordt in dit beeld duidelijk:

bk pod.png

Hiermee erkennen we enerzijds de verschillen tussen beeld en podiumkunsten maar willen we anderzijds, misschien nog sterker dan voorheen, de gemeenschappelijkheid in de verf zetten.