Werktreue

image.png

Wie heeft het voor het zeggen? De componist of de muzikant? Het is een eeuwig spanningsveld in de klassieke muziek.

En dat was al zo toen het notenschrift ontstond. Guido van Arezzo wordt gezien als de uitvinder van onze moderne muzieknotatie. Van Arezzo komt ook de volgende uitspraak: In onze tijd zijn de zangers de domste van alle mensen.

De neerbuigende uitspraak doet vermoeden dat muzieknotatie niet alleen ontwikkeld werd om het muzikanten makkelijker te maken. Nee, het was ook een werkwijze om muzikanten te disciplineren en te onderwerpen aan de eisen van de componist.

En zo werd een kiem gelegd voor wat eeuwen later een vanzelfsprekend ideaal werd: trouw blijven aan de partituur. In het Duits klinkt het gebald en dwingend: werktreue. 

Maar kijk, er komt een stevige tegenbeweging op gang. Muziekgroepen die het zich veroorloven om vrij om te gaan met een partituur worden als verfrissend ervaren. Het publiek smult van het avontuur en het onverwachte.

En in die beweging situeert zich ook de aandacht voor de rol van de kunstenaar op de academie: zelf dingen maken, spelen met het werk. Dat een partituur werkmateriaal wordt in plaats van een relikwie, is voor velen nog ongewoon. Maar we zijn ervan overtuigd dat dit een werkwijze is die naast werktreue zijn plaats aan het opeisen is.

(gedachten na het lezen van de vlucht van de nachtegaal van Marlies De Munck)

Admirator affectuosus

cover_rand.jpg

Pieter Bergé schreef een erg vermakelijk en poëtisch boekje over het concertpubliek: homo audiens, kleine typologie van de klassieke-concertbezoeker.

Om de teksten wat ironie en een pseudowetenschappelijke touch te geven, krijgt elk type concertbezoeker een Latijnse naam toebedeeld: de klankenvanger (voluptarius ingenuus), de laatkomer (procrastinator), de applausweigeraar (sprector plausus), de baard-aaier (neurodactylus minor) en de eindverlanger (appetens clausulam pertectam). 

In dit boekje ontbreekt er echter een type: de liefdevolle fan (lat. admirator affectuosus). Want dat is het type publiek dat op de academie naar optredens komt. We voegen graag dit addendum toe aan het boek.

De liefdevolle fan (lat. admirator affectuosus) kijkt en luistert met bewondering naar jongeren en volwassenen die met overgave op een podium staan. Hij beseft dat hier veel inspanning achter zit en dat het prachtig is dat leerlingen dit kunnen opbrengen. Hij is bijzonder gul met zijn applaus en kijkt met verontwaardigde blikken naar de applausweigeraar (lat. Spretor Plausus). De admirator affectuosus supportert voor alle spelers, ook voor degenen die hij niet kent. 

Festival van de verbeelding

image.jpg

Wouter Deprez las dat Vincent Kompany vorig jaar het doelpunt van het jaar heeft gemaakt. Gezien had Deprez het doelpunt niet. En dat daagde hem uit om zich de goal te verbeelden.

  • Kompany lobde de keeper vanaf de middenstip.
  • Kompany krulde de bal vanaf de cornervlag binnen.
  • Kompany dribbelde zeven spelers en mikte de bal vervolgens met een achterwaartse omhaal in de linkerwinkelhaak.
  • Kompany had een keeperspak aan en schoot de bal vanuit zijn doel recht de goal van de tegenstander binnen.
  • Kompany stond in handenstand op de deklat en caramboleerde vanuit die positie de bal binnen.
  • Kompany slikte de bal in en spuwde hem weer uit in doel.
  • Kompany stifte een penalty tegen de onderkant van de deklat, de bal landde op de doellijn en Kompany duwde hem erover met een reeks flikflakken.

In plaats van één doelpuntje schonk zijn verbeelding hem een festival van wereldgoals.

Hoeveel competenties kan je evalueren?

521239579_70c6feb82a_o.jpg

Soms proberen jury’s/ feedbackgevers tijdens toonmomenten over alle rollen iets te schrijven. Gekkenwerk. Tijd om te luisteren is er dan niet meer.

Vakliteratuur is daar ook duidelijk over: expert Lou Van Beirendonck concludeert dat je maximaal twee of drie competenties per evaluatiemoment kan evalueren. Daarom de gouden regel: maak keuzes en kijk dan gericht.

En die richting kan ook door de leraar van de leerling aangegeven worden. Hij kan een jury vragen naar een bepaalde competentie te kijken. Omdat feedback daarover voor hem het meest wenselijk is.

Play

Untitled(soccer-pitch)-drone.jpg

Play was een stadsfestival dat in 2018 Kortrijk inpalmde met hedendaagse kunstwerken. Het parcours was een ode aan de homo ludens, de spelende mens.

Untitled(soccer-pitch)5.jpg

Het werk Soccer Pitch van de Centraal-Amerikaanse kunstenaars Priscilla Monge trok mijn aandacht. De kunstenares past de spelregels van voetbal aan. De heuvels op het voetbalveld verplichten de spelers om van tactiek te veranderen, om nieuwe regels te bedenken, of om met het onverwachte te spelen. Want het terrein zorgt dat de bal vreemde capriolen maakt. Zelfs het tactisch vernuft van trainer Pep Guardiola heeft hier geen vat op.

Untitled(soccer-pitch)2.jpg

Het werk is een prachtige metafoor voor de didactiek van het creëren. Leraren bouwen, net zoals deze kunstenares, obstakels in die uitdagen om met het onverwachte om te gaan. Ze maken zo het spel levendig en onvoorspelbaar. En dat levert creatieprocessen op die even hobbelig zijn als de krijtlijnen van dit voetbalveld.

Werkplek

5fe89058-1f5f-11ea-a18f-1a690bb82c5d.jpg

Af en toe vraag ik aan leerlingen om een foto te maken van hun werkplek. Als een instrument goed zichtbaar in de woonkamer staat, is de kans groter dat er dagelijks geoefend wordt. In het oog, in het hart. Dat geldt niet alleen voor de liefde.

Die opdracht doet leerlingen en ouders nadenken over routines en levert ook fijne, soms grappige foto’s op.

Maar geen enkel beeld kan tippen aan de foto van hierboven. Het is de werktafel van Panamarenko in zijn huis aan het Sint-Jansplein in Antwerpen.

Aan dit juwelierstafeltje, met prullaria en uitpuilende lades, ontstond zijn oeuvre. Hier werden techniek, wetenschap en verbeelding met elkaar vermengd tot de meest poëtische installaties. En die gedachte is adembenemend.

Bewust oefenen

angela-duckworth-bw.png

Veel oefenen is een sleutel tot succes. Maar de kwaliteit van die oefening is minstens even belangrijk. De Amerikaanse psychologe en wetenschapper Angela Duckworth omschrijft in haar boek de grit-factor de elementen van bewust oefenen:

  1. stel jezelf een doel;
  2. oefen met volledige concentratie;
  3. ontvang veel directe feedback;
  4. herhaal met aandacht voor die feedback.

Tenslotte geeft Duckworth de suggestie om werk te maken van dagelijkse routines.