Creatief ademhalen

Femke Deckers gebruikt in haar boek Schroef jezelf los een prachtige metafoor voor creativiteit. Ze ontdekte dat al haar creatieve processen bestonden uit creatieve ademhalingen.

Je waaiert uit (zoekt opties en alternatieven) en je waaiert weer in (maakt keuzes). Inademen betekent mogelijkheden verkennen, uitademen is bewegen naar een focuspunt, een oplossing.

Bij echt ademhalen kan je niet enkel inademen. Dan ga je dood. Zo ook bij creativiteit. Enkel alternatieven genereren is dodelijk voor de creativiteit. Je moet op een bepaald moment ook (durven) landen.

Ook in het leerplan Kunstig Competent zit die creatieve ademhaling vervat. We noemen dat experimenteren (inademen) en creëren (uitademen). Maar laten we eerlijk erkennen dat de metafoor creatief ademhalen vele malen mooier is.

Hier en nu

maxresdefault.jpg

Fotograaf Stephan Vanfleteren werd 50. In het Fotomuseum in Antwerpen vond een grote overzichtstentoonstelling plaats. In een interview in de Morgen vertelt Vanfleteren wat zijn talent is.

Mijn grootste talent is dat ik het gevoel kan opwekken dat het hier en nu het allerbelangrijkste is. Als ik iemand portretteer, dan is die ene persoon op dat moment de enige die telt. Als ik naar een boom kijk, doe ik dat met diezelfde overtuiging. Dat is mijn geheim.

Je hoopt dat je deze kwaliteit ook aan je leerlingen op de kunstacademie kan meegeven. Met heel je hebben en houden present zijn in het hier en nu. Geconcentreerd zijn op je werk. En alleen maar dat.

Competentiebeelden

Voor sommige competenties kunnen we ons heel goed voorstellen wat we op het einde van een graad bij onze leerlingen willen zien en horen. Voor andere artistieke competenties is dat beeld vager.

De denkoefening competentiebeelden, waar verschillende academies hun schouders onder gezet hebben, geeft beeld en taal aan die tussen- en eindpunten. Hierboven vind je een eerste voorbeeld.

De volgende maanden zullen we in de blog regelmatig zo’n competentiebeeld delen. Hopelijk helpt dit materiaal om doelen concreter te vertalen naar je klas.

Wil je nu al het hele materiaal induiken, dan kan je het boekje Competentiebeelden, op weg met artistieke competenties, downloaden:

Niveau?

58793442_1285898268217903_2580215052997809114_n.jpg

En is het niveau niet aan het dalen? Leraren en directeurs maken er zich zorgen over. Eigenlijk maken we er ons al 30 jaar zorgen over. Die bezorgdheid toont op de eerste plaats een grote betrokkenheid van leraren: we willen het collectief zo goed mogelijk doen.

Maar wat bedoelen ze met het niveau? Dan wordt het dikwijls stil … en komt het er toch moeizaam uit: ze spelen geen moeilijke stukken meer. Niveau wordt dus toch vooral geassocieerd met virtuositeit, moeilijkheidsgraad.

Actrice en mythische theaterdocente Dora van der Groen keek daar anders naar. Alles kan, mits goed gedaan, is één van haar beroemde uitspraken. Iedereen die van haar les heeft gehad, kent die zin. Wat je ook oppakt, een eenvoudige studie, een popsong, een meditatieve dans of een tekst van een cabaretier, doe het met kwaliteit. Doe het zo dat anderen erdoor geraakt worden. Doe het met afwerking en inleving. Doe het met inzicht in het werk en in de boodschap die je wil overbrengen.

Ja, onze leerlingen spelen niet allemaal meer het repertoire van 20 jaar geleden. Maar wat ze spelen doen ze hopelijk wel met (een streven naar) kwaliteit.

Misschien moeten we ook vanuit dit kwaliteitsperspectief naar onze praktijk kijken.

Vingers tapen

Brian-Eno-Press-Crop-3.jpg

De beroemde producer Brian Eno legt zijn artiesten graag beperkingen op. Zo tapete hij de vingers van Coldplay’s Chris Martin aan elkaar, om hem te dwingen op een nieuwe manier piano te spelen.

Eno gebruikt een arsenaal aan trucs om artiesten te irriteren:

Als we een popliedje schrijven, dan zijn de akkoorden vaak: majeur, majeur, mineur, majeur. Ik vraag dan om alleen maar majeur te spelen. Dat levert altijd iets op.

En zo toont Eno ons een interessant aspect van de didactiek van de kunstenaar: baken je opdracht af.

Vrienden maken

Sommige leraren slagen erin om een bijzondere groepssfeer in hun klassen te creëren. Dat is vaak ook verbonden aan een vak waar samenwerken of samenspelen centraal staat. In orkesten, ensembles, dansgroepen en toneelgroepen worden sterke banden gesmeed door samen intensief naar een voorstelling of eindproduct toe te werken.

En zo wordt de academie ook een plek waar vriendschappen voor het leven ontstaan. Zo mooi.

Een klein beetje onhaalbaar?

Het mag een klein beetje onhaalbaar zijn. 

Prachtig hoe een lerares fluit het verwoordde. Het is onze plicht om leerlingen altijd weer naar een volgende uitdaging te leiden.

In de didactiek bestaat er een dure uitdrukking voor, uitgevonden door de Russische psycholoog Lev Vygotski: de zone van naaste ontwikkeling. Deze zone ligt op het snijpunt tussen kunnen en niet kunnen. Noch te makkelijke oefeningen, noch te hoog gegrepen opdrachten hebben een leereffect.

Vygotski legt terecht het accent op het haalbare. Misschien is daarom de uitspraak een klein beetje onhaalbaar er net over.

Beter? Het mag (een klein beetje) net haalbaar zijn. 

hEAR DROPS

Geloof jij ook dat interactie creativiteit kan voeden? 

Musica ontwikkelde een serie toegankelijke beeldverhalen rond klank en muziek. Elk filmpje wil de sensitieve, artistieke wisselwerking tussen kinderen en leerkrachten bevorderen.

Het principe is eenvoudig: kijk samen naar een filmpje, bespreek wat je zag en hoorde, kijk opnieuw, bepaal spelregels en materialen, voer uit en evalueer. Geen uitgestippeld parcours, maar een uitnodiging tot creatief proces. Zoals echte kunstenaars dat ook doen. 

Zo leg je stiekem je artistieke expertise in de weegschaal, met kinderen als volwaardige actoren.