Nog

Nog niet.jpeg

Nog is een interessant woord. Een onopvallend woord, en toch een wereld van verschil.

Je kunt het nog niet.

Wat laat je met deze uitspraak uitschijnen? Dan je erin gelooft dat je leerling er zal geraken. En dat je zijn/haar hersenen ziet als een spier: door oefenen kan je je ontwikkelen. Na een inspanning kan je nog niet schrappen.

Via taal maak je impliciet je overtuigingen hoorbaar. Nu nog in de praktijk brengen.

Triangel

76_afbeelding_13131452540121.jpg

Nooit gedacht dat een triangel zo’n belangrijk instrument in kunstonderwijs zou worden. En nu heb ik het niet over het muziekinstrument triangel maar over triangulatie.

Triangulatie is een kwaliteitskenmerk van evalueren. Het betekent dat je de prestaties van een leerling vanuit drie of meer perspectieven bekijkt: verschillende toonmomenten, verschillende (soorten) juryleden, observaties tijdens het jaar …

Als je dan drie maal hetzelfde hoort of ziet, dan kan je met meer zekerheid zeggen dat een leerling een competentie wel/ niet verworven heeft. En zo wordt een evaluatie in het kunstonderwijs meer betrouwbaar.

Dat kan niet gezegd worden van vroegere praktijken waarbij één examenmoment allesbepalend was. Deze evaluatie zou ook totaal fout lopen in deze coronatijden.

Maar hoort dat niet bij de podiumkunsten? Telt daar uiteindelijke niet alleen dat ene moment? Ja, dat klopt wel ergens. Maar we denken dat deze praktijk eerder thuishoort in het hoger kunstonderwijs. Daar mag dat ene moment wel doorslaggevend zijn.

Maar op de academie? Nee, laten we daar vooral de triangel bespelen.

Hoeveel competenties kan je evalueren?

521239579_70c6feb82a_o.jpg

Soms proberen jury’s/ feedbackgevers tijdens toonmomenten over alle rollen iets te schrijven. Gekkenwerk. Tijd om te luisteren is er dan niet meer.

Vakliteratuur is daar ook duidelijk over: expert Lou Van Beirendonck concludeert dat je maximaal twee of drie competenties per evaluatiemoment kan evalueren. Daarom de gouden regel: maak keuzes en kijk dan gericht.

En die richting kan ook door de leraar van de leerling aangegeven worden. Hij kan een jury vragen naar een bepaalde competentie te kijken. Omdat feedback daarover voor hem het meest wenselijk is.

Feedbackkaarten

IMG_3722.jpeg

Ik heb hier geen woorden voor. Deze poëtische feedback gaf een tienjarige leerling deze week na een presentatie van een andere leerling gitaar. Dat raakte iedereen die in de klas zat. Omdat het prachtig geformuleerd was en ook helemaal klopte: de uitvoering was fijnbesnaard en meeslepend.

Anderzijds is de letterlijke variant ik heb hier geen woorden voor ook een interessante kwestie. Leerlingen hebben soms een beperkt vocabularium om feedback te geven. En dan maken ze er zich gemakkelijk vanaf met clichés: goed gespeeld of ik vind het al heel goed. En daar zijn we hopelijk niet tevreden mee.

Deze week experimenteerde ik met feedbackkaarten. Op zo’n kaart staat een vraag die de aandacht van de leerling richt. Iedere leerling kiest op voorhand telkens één kaart. Zo kan de feedbackgever zich concentreren op één aspect. Dat geeft houvast en maakt het makkelijker.

Conclusies? Dit simpele concept leverde sterkere feedback op: soms grappig, soms ontwapenend eerlijk. En dat zorgde voor veel gelach, nieuwe inzichten en ook wel een kleine traan.

Opinie in de Standaard

Trendsetters.jpeg

De kunstacademies in Vlaanderen starten dit schooljaar met een nieuwe organisatiestructuur: nieuwe vakken, nieuwe opties en meer autonomie. De overheid keurde het decreet pas in het voorjaar van 2018 goed, waardoor de voorbereidingstijd kort was. Daarom zal het dit jaar organisatorisch allemaal wat minder lekker lopen. Het wordt zoeken en experimenteren. Gelukkig kunnen leraar-kunstenaars daar wel mee omgaan.

Die nieuwe structuur is een grote verandering in het deeltijds kunstonderwijs, maar zeker niet de enige. Al enkele jaren zijn er inhoudelijke verschuivingen te zien die minstens zo belangrijk en interessant zijn. Academies zijn van conservatieve bastions geëvolueerd naar trendsetters in onderwijsland.

Uitstraling van de leerling

Een nieuwe kijk op evaluaties en uitgepuurde doelen voor het kunstonderwijs zijn daarvan twee mooie voorbeelden.

Een groot deel van de academies in Vlaanderen heeft vaarwel gezegd tegen het oude evaluatiesysteem. Waar vroeger ernstige juryleden achter een tafel punten gaven voor wan- en prachtprestaties, zien we nu jury’s ijverig feedback formuleren. Die feedback is het resultaat van een radicaal veranderde mindset: een evaluatie mag leerlingen niet in een rangschikking plaatsen, maar moet hen uitdagen om een volgende stap te zetten in de eigen ontwikkeling. Concrete, heldere en toekomstgerichte feedback is daarvoor de meest effectieve manier. Alle leerlingen, ook de toptalenten, zijn erbij gebaat.

In die feedback komt niet enkel de technische uitvoering aan bod, maar ook de uitstraling van de leerling en de mate waarin de leerling zijn publiek raakt. In een genuanceerde taal wordt uitgedrukt wat opvalt en wat de eigenheid van de leerling is. Een leraar-kunstenaar heeft daar een bijzondere fijngevoeligheid voor en kan die nu ten volle inzetten.

Vroeger hingen de leerlingen na een laag cijfer hun gitaar aan de haak. Vandaag dagen academies leerlingen uit om een volgende stap in de eigen ontwikkeling te zetten. En om verder te blijven spelen. Directeurs krijgen nu opeens felicitaties van ouders die het sterk waarderen hoe hun kind zo mooi getypeerd werd in de evaluatiefiche.

De angst dat de kwaliteit zou dalen is ongegrond. Technische virtuositeit krijgt niet langer alle focus. Wie zit er te wachten op een moeizame en struikelende uitvoering van een veel te moeilijke driestemmige inventie van Bach? Eindeloze examens voor lege zalen zijn vervangen door stijlvolle concerten door gemotiveerde leerlingen, met een levend publiek.

Het deeltijds kunstonderwijs heeft samen met de overheid ook een beperkt aantal doelstellingen (artistieke competenties) uitgetekend.

Alle doelen op één pagina

Terwijl op andere onderwijsniveaus nog de gedachte leeft dat meer doelen ook resulteren in beter onderwijs, is de toon voor het kunstonderwijs anders. Het leerplan ‘Kunstig Competent’ zet de doelen voor tien jaar kunstonderwijs op één pagina: twintig thema’s die tijdens de opleiding aan bod moeten komen. Dat geeft overzicht en daagt de leraar-kunstenaar uit om met zijn rijke verbeelding een eigen vorm te geven aan die doelen. Het deeltijds kunstonderwijs geeft zo veel vertrouwen en autonomie aan de leraren. En dat werkt stimulerend.

Een beknopte lijst doelen heeft nog andere voordelen. Het geeft ruimte om op maat van de leerling te werken. Leraren kunnen altijd weer keuzes maken om bepaalde aspecten meer uit te diepen en andere thema’s enkel aan te raken. Ze kunnen zo optimaal aansluiten bij de volgende ontwikkelingszone van een leerling.

De vroegere, gestandaardiseerde examens hadden soms het tegenovergesteld effect. Ze dwongen leraren om uniform en gericht naar die evaluatie toe te werken. Teaching to the test. En dan stelde je je soms de vraag of de leerling iets geleerd had.

Ondertussen groeit er ook vanuit het lager, secundair en hoger onderwijs interesse voor dit model: de radicale keuzes, de compacte en open set doelen, de autonomie voor de leraar en de voedende evaluatie spreken aan.

En misschien willen ook leraren buiten de academie – diep in hun hart – iets meer kunstenaar in hun klas zijn: eigenzinnig en risicovol. Avonturen tijdens de avonduren.

De geest van klasexamens

201167896_5324a5f0cc_b.jpg

Een mail van een leraar piano:

20 jaar sta ik in het vak en toch waren de jaarlijkse openbare proeven nog altijd een beproeving. Ik was altijd weer gefrustreerd omdat het zo snel moest gaan. En omdat de jury, hoe bekwaam die mensen ook waren, maar een beperkt aspect van de leerling konden evalueren. Ik zag ook zelden gelukkige kinderen, jongeren en ouders na een examen.

Wat zijn we in godsnaam aan het doen, vroeg ik me af. En ik merkte dat ik daar niet alleen mee zat. Méér en méér juryleden gaven ook aan dat ze hier geen punten op konden geven. Ze wilden liever iets zeggen over wat ze gezien en gehoord hadden. Maar een rangschikking maken? Nee, dat hadden ze gehad.

Op klasexamens was er wél aandacht voor andere aspecten zoals kunstenaarschap, persoonlijkheid en ontwikkeling. Collega’s onder elkaar namen de tijd om leerlingen te bespreken. En dat was deugddoend.

Ondertussen is op onze academie de touch van de klasexamens de standaard geworden. Concerten met daarna voldoende ruimte om het erover te hebben. En dat klopt voor mij. 

 

Einde van het blogjaar. Geniet van een welverdiende vakantie.

Leerlingen geven feedback

stelling-overleg 2.jpg

Op zo’n grote schaal had ik het nog nergens gezien. De leraren van de academie van Wilrijk lieten tijdens een podiumweek alle leerlingen feedback aan elkaar geven. Wow.

Over dit nieuw evaluatieconcept was het lerarenteam achteraf unaniem positief. Ze verbaasden zich over de directe feedback van sommige leerlingen. Uit een kindermond klinkt stevige feedback blijkbaar minder bedreigend. Een aantal leraren hadden hun leerlingen ook effectief opgeleid tot feedbacker.

Natuurlijk moet het concept bijgestuurd worden:

  • de feedbackrondes mogen korter;
  • krachtige feedback is ook voor leraren nog een uitdaging;
  • leerlingen moeten zich het artistiek vocabularium meer eigen maken;
  • feedback noteren en gelijktijdig een gesprek modereren is niet makkelijk.

Maar de tendens is duidelijk: hier gaat de academie mee verder.

Evalueren is communiceren

timthumb.php.jpeg

Het doel van een evaluatie is communicatie. Dat was het verrassend statement van een lerares woord van de academie van Jette. Zo scherp had ik het zelf nog niet gezien.

Natuurlijk is communicatie een belangrijk middel om de evaluatie over te brengen naar leerlingen en ouders.

Maar deze lerares gaat een stap verder. Met je leerlingen in dialoog gaan, is de kern van een evaluatie: over het proces en product. En in twee richtingen: leerling-leraar en leraar-leerling.

Met relevante vragen: Wat hebben we gezien? Wat ging goed? Waar heb jij/ ik nog werk aan? Hoe kijk je naar je eigen evolutie? Daar samen over nadenken zorgt voor de nodige voeding. Dit is geen tijdverlies. Dit levert een grote winst op: leerwinst.

Hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik overtuigd ben dat ze helemaal gelijk heeft. Communicatie over het leren is het doel van een evaluatie.

Feedbackritueel

2f1626bec38619c0c0c0e07b5914980c.png

Een leraar beeld van de academie van Beveren heeft een mooi ritueel: op het einde van iedere les, net voor het opruimen, worden alle werken op de tafel gelegd. De leraar en de leerlingen formuleren dan feedback op de voorlopige resultaten.

Een sterk concept. Zeker omwille van het wekelijks ritme. De losse flodder voorbij. En het signaal aan de leerlingen is ook niet mis te verstaan: feedback geven en ontvangen is een wezenlijk bestanddeel van een kunstopleiding.

En als de tijd te krap is? Dan vragen de leerlingen zelf om toch nog even het rondje feedback te mogen doen.

Criteria van de critica

534_249583_91772825b31f7e8b02b816.png

De Standaard bracht dagelijks verslag uit van de finaleweek van de Elisabethwedstrijd cello. Annemarie Peeters en Tom Janssens waren de critici. Hun recensies waren zeer leesbaar door de korte en frisse kopteksten (met vraagteken). En deze koppen gaven indirect ook woorden aan hun hoogstpersoonlijke beoordelingscriteria. Een bloemlezing:

Spektakelwaarde? Kleurenbarometer? Sollicitatiekramp? Kippenvelmoment? Uitmuntendheidsgraad? Gretigheidsgraad? Lefgozergehalte? Gamechanger? Decibelmeter? Diepte? Neus voor nieuwe noten? Klankkaliber? Foutenfactor? Nuanceniveau? Concertpotentie? Roomsoezenoverdaad?

Op zoek naar een origineel observatie-instrument voor toonmomenten? Dan is dit een potentieel concept.