Clichés

je-bent-leraar-als-je

Top 10 clichés op evaluatiefiches (deeltijds) kunstonderwijs … om minder of niet meer te gebruiken:

  1. goed gewerkt
  2. doe zo verder
  3. je hebt veel talent
  4. meer oefenen
  5. je bent heel creatief
  6. jammer van de foutjes
  7. je bent op de goede weg
  8. meer opletten tijdens de les
  9. je bent een fijne leerling

En met de grootste cliché rond ik graag dit blogjaar af:

10. voor binnenkort: een prettige vakantie

Kleurrijke zelfevaluatie

IMG_1271 2.jpg

Elisabeth Alders is studente pedagogie aan het Lemmensinstituut. Ze maakt een interessante masterproef over competentiegericht evalueren in klassen samenzang. Haar onderzoek voerde ze uit op de academie van Lier. Vorige week toonde ze me de eerste resultaten.

Eén werkvorm zelfevaluatie trekt de aandacht. Op een bord zijn de competenties samenzang van de academie geschreven. Leerlingen kunnen zich met een wasknijper (met hun naam op) positioneren:

  • houten wasknijper: wat kan ik al goed?
  • blauwe wasknijper: wat is mijn uitdaging?
  • bruine wasknijper: wat kunnen we als klas al goed?
  • gouden wasknijper: wat is als klas onze uitdaging?

Sterk is dat het individueel én groepsniveau bevraagd wordt: wat heb ik en wat hebben we samen te doen?

Je hoeft de vier invalshoeken niet in één keer te behandelen. Een eerste week laat je leerlingen hun kwaliteiten benoemen. En dan daag je ze een volgende week uit om die kwaliteiten meer te laten stralen. Daarna bevraag je de uitdaging… Of focus je op de groepsuitdaging.

Een doelgerichte en kleurrijke evaluatiewerkvorm met vele kansen. De masterproef vind je  binnenkort op deze blog.

Naar Siberië?

0107OntdekkingSiberie4-646x350.jpg

Op een concert in een academie zag ik een bijzonder optreden.

Een leerling met als tweede instrument piano waagde zich aan prelude opus 3 nr. 2 van Rachmaninov. Hij speelde anderhalf jaar piano. Onmogelijke opdracht, veel te moeilijk werk. Maar de sturm und drang om grote muziek te spelen was niet tegen te houden.

De start was imponerend. Brede akkoorden, het grote gebaar. Het middendeel ontaardde in een eigen improvisatie. In de stijl van Rachmaninov. De wroetende akkoorden werden nog donkerder. Hij musiceerde bijna in extase. Op het einde pakte hij de partituur weer op.

Wat een interessante kluif voor een (klassieke) jury:

Kan dit wel? Is dit geen onvoldoende? Of 0/100? De partituur zomaar langs de kant schuiven? Of moeten we juist zijn experiment belonen en waarderen? De keuze om iets bijzonders te doen met het werk? Want artistiek was dit zonder meer interessant.

En moeten we zijn leraar op strafkamp naar Siberië sturen? Of hem juist aanmoedigen om dit soort risico’s te blijven nemen? Om hetgeen zich aandient te versterken?

Zelden een uitvoering op een academie gezien die zoveel relevante vragen en gedachten opriep.

Lichtste inkt

opschrijven.jpg

Evaluatie is niet enkel iets voor het einde van het schooljaar. Evalueren doe je voortdurend. Telkens je feedback geeft, ben je aan het evalueren. Om leerlingen zo aan te zetten tot ontwikkeling.

Dagelijks informatie verzamelen is daarbij een interessante en noodzakelijke praktijk. Je sprokkelt observaties, opmerkingen en indrukken: een leerling maakt opeens een grote sprong voorwaarts. Een andere loopt steeds op hetzelfde probleem vast en kan dat opeens helder benoemen …

Dit noemen we betekenisvolle momenten. Het is belangrijk dat je die noteert. Want de lichtste inkt gaat langer mee dan het beste geheugen.

Daarom volgende gouden tip: neem na een lesdag 5 minuten de tijd om enkele dingen te noteren die opgevallen zijn. Evaluatiefiches invullen wordt achteraf zoveel makkelijker.

Trendsetters

IMG_0406 2.jpg

Het tijdschrift Klasse pakt deze week uit met een schitterende kop: evalueren begint nu. De gedachte hierachter? Evalueren is een voortdurend proces van doelen formuleren, observeren, feedback geven en bijsturen. En dat start al in september.

In het project artistieke competenties noemen we dat voedend en voortdurend evalueren. Of nog compacter: evalueren om te leren.

Het thema punten lokt op de sites van Klasse en de kranten vele reacties uit bij ouders, leerlingen en specialisten. Het standpunt van die specialisten is helder: feedback is belangrijker dan punten. Zij baseren zich daarbij op harde onderzoeksresultaten: feedback is de interventie met misschien wel het grootste leereffect. En als je dan toch nog met punten of graden wil werken, maak die dan ondergeschikt aan de feedback.

Beleidsmakers erkennen dat het deeltijds kunstonderwijs op dit moment een trendsetter is op vlak van evalueren: een lange traditie van veel directe feedback in de klas en – recent – een tendens om radicaal voor evaluaties met veel of uitsluitend feedback te kiezen.

Het is klasse van Klasse dat zij die voortrekkersrol van het DKO gezien hebben. In de papieren versie van dit vakblad laten ze een lerares beeld van de academie van Westerlo aan het woord. Hier te lezen.

We komen er wel

Leerling.jpg

Een leerling woord van de academie van Merksem getuigt:

Het was lang geleden dat ik nog eens een schriftelijke evaluatie gekregen had. Ik vond het spannend. Het moment waarop ik mijn Artistiek Portret in handen kreeg, deed me zo denken aan die zenuwachtige minuten vooraleer de leraar me mijn rapport overhandigde.

Maar daar houdt de gelijkenis op. Hier geen opmerkingen zoals Goed gewerkt of Prima gezwegen tijdens de lessen chemie.

Wat dan wel? Een doortastende evaluatie waarbij 6 identiteiten – die in elk van ons aanwezig zijn – centraal staan: vakman, performer, kunstenaar, samenspeler, onderzoeker en unieke ik. Voor elke identiteit krijg je een overzicht van wat je kunt, waar je goed in bent. Een persoonlijke eindconclusie formuleert je ontwikkelingskansen en je sterke punten. Hoe heet zoiets ook alweer? Opbouwende kritiek. Iets waar je iets mee kan. Aan jezelf bouwen bijvoorbeeld.

Het onderwijs hervormt continu, weliswaar traag. En toch heb ik veel hoop als ik de huidige manier van evalueren in de Academie voor Woord, Muziek en Dans in Merksem bekijk. Dan denk ik: we komen er wel.

Kwaliteitscultuur

KDO.jpeg

Directeurs, leraren en inspecteurs vinden kwaliteitsbewaking belangrijk. Dat is terecht. De praktijk van externe kwaliteitsbewaking schuiven sommigen naar voor als een vorm waar andere onderwijsvormen jaloers op zijn. Inderdaad waardevol.

De huidige praktijk met externe juryleden heeft echter ook zijn tekortkomingen: juryleden kijken vanuit een eigen, niet geëxpliciteerd referentiekader. Vaak zonder de context van de leerling te kennen. En ze hebben ook geen opleiding gehad als feedbackgever. Dat maakt dat het concept sterk persoonsafhankelijk en niet altijd voedend is. Soms heb je iets aan een extern jurylid, maar soms ook niet. En dat is toch wel problematisch: kwaliteit hangt dan af van het toeval.

Directeurs geven aan dat ze altijd weer op zoek zijn naar juryleden die echt het verschil maken. Maar ze geven ook toe dat dat niet altijd lukt.

Pilootacademies onderzoeken andere vormen om aan kwaliteit te werken. Kwaliteitsbewaking is voor hen een te passief en statisch concept. De woorden kwaliteitscultuur en kwaliteitsbevordering geven beter aan waar het om draait: actief, gericht en systematisch kwaliteit nastreven. Enkele voorbeelden:

  • bewust kiezen voor (een kleiner team) jury’s die het verschil maken;
  • trainen van juryleden en collega’s in feedback geven;
  • leraren uitgedagen om ook elkaar feedback te geven;
  • opstarten van een toetsingscommissie: een werkgroep die de evaluatiepraktijk van de eigen academie systematisch analyseert en bijstuurt.

Kwaliteit voorop in het DKO.

Fundamenten artistiek evalueren

14-24-betonstorten.png

De fundamenten van artistiek evalueren omschreef het project vanuit drie V’s:

  1. Artistiek evalueren = Veelzijdig: een evaluatie kijkt breed naar de artistieke gebieden;
  2. Artistiek evalueren = Voedend: een evaluatie wil een effect hebben op het leren van de leerling;
  3. Artistiek evalueren = Veelvormig: een evaluatie is betrouwbaar door een variatie in vorm, tijdstip en evaluator.

Voortschrijdend inzicht doet er ons voor kiezen om een vierde V toe te voegen. De vraag of we ook nog iets negatiefs mochten zeggen bleef maar terugkomen. En telkens moesten we antwoorden dat je leerlingen ook helpt door voldoende scherp te zijn.

  1. Artistiek evalueren = Veeleisend: evaluaties stimuleren leerlingen om de eigen grenzen te verleggen. En in de feedback benoem je zowel kwaliteiten als werkpunten.

Op deze fundamenten bouwen vele academies op dit moment nieuwe evaluatieconcepten die passen bij hun visie.

Het zijn ongemeen boeiende tijden.

Zijn punten objectief?

screensnapshot-31-10-2015-11-23-19

Af en toe komt nog de roep naar punten naar boven. Want punten zijn OBJECTIEF. Dat argument wordt dan in hoofdletters naar voor geschoven.

Omdat het project niet per definitie tegen punten is, verdient dit onderzoek. Wat betekent objectief evalueren? Wat zeggen pedagogische wetenschappen daarover?

  • Dat beoordelaars zonder eigen inkleuring en eigen voorkeuren evalueren.
  • Dat er heldere evaluatiecriteria zijn.
  • Of nog veel concreter: dat verschillende jury’s tot hetzelfde resultaat komen.

Interbeoordelaarsbetrouwbaarheid heet dat laatste. Een spuglelijk 32-letterwoord.

Zijn de evaluaties in het DKO vanuit deze standaarden objectief? Nee, totaal niet. Jury’s kleuren een evaluatie persoonlijk in. En zelden zijn de criteria geëxpliciteerd. Tenslotte moeten we ook toegeven dat een zelfde examen op vijf verschillende academies bijna altijd verschillende cijfers oplevert.

En is dat erg? Nee. Kunst beoordelen is niet objectief. Zeker niet als het over de rol van kunstenaar gaat. Dat is eigen aan de kunsten en dat is ook goed zo. Het maakt ons fundamenteel anders dan bijvoorbeeld wiskundeonderwijs.

Maar laten we wel het valse argument loslaten dat cijfers een evaluatie in het kunstonderwijs objectiveren. Ze kunnen wel, in bepaalde gevallen, sommige leerlingen extrinsiek motiveren. Maar dat is een ander verhaal.