Harde en zachte competenties

screensnapshot-11-05-2016-10-29-15.jpg

Vakmanschap bestaat uit harde competenties. Deze competenties vereisen een hoge mate van precisie. Het zijn bekwaamheden die iedere keer zo correct en identiek mogelijk moeten uitgevoerd worden. Er is meestal maar één weg naar het ideale resultaat. Harde competenties moeten lopen als een Zwitsers horloge: betrouwbaar, accuraat, voorspelbaar en automatisch zonder de minste hapering.

De andere rollen vragen eerder zachte competenties. Hier is eerder flexibiliteit nodig. Zachte competenties ontwikkel je door spel. Je verkent je grenzen in veranderlijke situaties door steeds weer nieuwe en lastige hindernissen te leren overwinnen. Een leraar maakt zich dan ook niet druk om foutjes. Het belangrijkste is dat leerlingen durven uitproberen en leren omgaan met andere contexten.

De twee goed onderscheiden, is de boodschap. Harde en zachte competenties vragen elk een eigen aanpak.

Speelplezier

finnissy_english_15

We denken dat we steeds moeilijkere stukken moeten aanbieden. Dat klopt. Maar ook slechts gedeeltelijk.

Het is natuurlijk goed om grenzen te verleggen. Maar vaak heeft dat als ongewild effect dat er vooral gewroet i.p.v. gespeeld wordt.

Sommige leraren geven hun leerlingen daarom ook stukken onder hun niveau. Er ontstaan dan mogelijkheden om op een hoger niveau te musiceren: met aandacht voor muzikaliteit, inleving, beleving, afwerking, schoonheid, eigen invulling… En er ontstaat speelplezier! Musiceren onder je niveau is musiceren op niveau.