Harde en zachte competenties

screensnapshot-11-05-2016-10-29-15.jpg

Vakmanschap bestaat uit harde competenties. Deze competenties vereisen een hoge mate van precisie. Het zijn bekwaamheden die iedere keer zo correct en identiek mogelijk moeten uitgevoerd worden. Er is meestal maar één weg naar het ideale resultaat. Harde competenties moeten lopen als een Zwitsers horloge: betrouwbaar, accuraat, voorspelbaar en automatisch zonder de minste hapering.

De andere rollen vragen eerder zachte competenties. Hier is eerder flexibiliteit nodig. Zachte competenties ontwikkel je door spel. Je verkent je grenzen in veranderlijke situaties door steeds weer nieuwe en lastige hindernissen te leren overwinnen. Een leraar maakt zich dan ook niet druk om foutjes. Het belangrijkste is dat leerlingen durven uitproberen en leren omgaan met andere contexten.

De twee goed onderscheiden, is de boodschap. Harde en zachte competenties vragen elk een eigen aanpak.

Interessant

screensnapshot-22-01-2016-10-37-30.jpg

Interessant is een interessant woord.

Leraren die dit woord gebruiken, laten horen dat ze nieuwsgierig zijn. Dat ze open staan voor verrassingen. En dat ze die vondst absoluut met hun leerlingen willen delen.

Zo simpel kan het zijn om de onderzoeker in je leerlingen uit te dagen: laat in je lichaamstaal zien, en in je woordkeuze horen dat je een verwonderde onderzoeker bent.

Op zoek naar interessante varianten?

fascinerend – intrigerend – boeiend – niet-te-missen – buitengewoon – fenomenaal – bijzonder – wonderlijk – spannend – pakkend – markant – aantrekkelijk …

Nieuwsgierig maken

Nieuwsgierig

De leerling is nieuwsgierig. Klinkt heel logisch maar hoe begin je eraan? Of hoe stimuleer je leerlingen om nieuwsgierig te worden?

Roland van der Vorst noemt vier manieren om leerlingen te verleiden tot nieuwsgierigheid: maak er schattenzoekers, sensatiezoekers, sporenzoekers of – en dat is de makkelijkste – antwoordzoekers van.

SCHATTENZOEKER: Geheimen zijn aanlokkelijk en daarom hou je bewust iets achter.

Een lerares gitaar vertelt dat de componist Leo Brouwer een compositie op een interessante manier eenheid gegeven heeft. Het is aan de leerling om dit deze week te ontdekken.

SENSATIEZOEKER: Verwachtingen worden verstoord. Je maakt de dingen vreemd, spannend, raadselachtig of onverklaarbaar.

Een leraar zang zegt dat hij het eerste deel van de les achter de leerling zal staan. Er wordt enkel contact gemaakt via de stem. Het is een spannende ervaring waarbij de oren extra aangesproken worden.

SPORENZOEKER: Dingen open gehouden maakt nieuwsgierig.

Een leraar dans daagt met volgende open opdracht zijn klas uit: dans de lente.

ANTWOORDZOEKER: Vragen stellen daagt uit en maakt nieuwsgierig.

Een lerares dans start de les met volgende opdracht: Hoe kan je van één stuk ijzerdraad een auto maken?